Sterilisatie

De begrippen castratie en sterilisatie worden vaak verkeerd gebruikt. Bij castratie denken we meestal aan het onvruchtbaar maken van mannetjesdieren, terwijl het bij vrouwtjesdieren zou het gaan om sterilisatie. Dat is niet het geval, ook zij worden gecastreerd. Heel in het kort: bij castratie worden zaadballen of eierstokken verwijderd en bij sterilisatie worden eileiders of zaadleiders onderbroken.

Bij de teef worden beide eierstokken en soms de baarmoeder via een buikoperatie of laproscopie onder narcose verwijderd. Wanneer u niet wilt fokken met uw teef is ons advies om uw teef te laten steriliseren, voor de 2e loopsheid. De ingreep wordt bij voorkeur tussen twee loopsheden uitgevoerd, dus ongeveer 2-3 maanden na een loopsheid. Een teef hoeft niet loops geweest te zijn voordat ze gesteriliseerd kan worden en kan vanaf 6 maanden leeftijd

Voordelen sterilisatie

  • Het is een definitieve oplossing: geen loopsheid meer, dus geen dracht en geen pups.
  • Schijnzwangerschap treedt niet meer op
  • Geen kans meer op baarmoederontsteking (pyometra)!
  • Als de hond vóór het eerste levensjaar is geopereerd, heeft ze 25% minder kans op melkkliertumoren.
  • De kans op suikerziekte neemt af.

Nadelen sterilisatie

  • Het gaat om een operatie onder algehele narcose. Elke operatie brengt een zeker risico met zich mee, al is dit bij de huidige anesthesiemiddelen heel klein.
  • Na de sterilisatie verandert de hormoonhuishouding waardoor sommige teven dikker kunnen worden. Ze kunnen namelijk met minder voer toe en het is goed voeding na de ingreep aan te passen.
  • De operatie kan niet meer ongedaan worden gemaakt.
  • In een enkel geval kunnen teven ongewenst urine incontinent worden. Meestal kunt u dit met medicijnen verhelpen.

Comments are closed.